Tekst van de maand

Nasruddin in europa

 

Ook in Europa is Nasruddin zo langzamerhand geen onbekende meer. Je ziet zijn verhalen steeds vaker opduiken in boeken en tijdschriften. Er zijn ook hedendaagse Europese varianten in omloop waarin Nasruddin wordt gebruikt om onze kortzichtigheid aan de kaak te stellen zoals in dit verhaaltje: Nasruddin komt bij de tabakswinkel om sigaretten te kopen. De winkelier geeft hem een pakje met het opschrift ‘van roken kun je impotent worden’ waarop Nasruddin zegt: “Geeft U me dat andere pakje maar waarop staat dat je aan kanker dood kunt gaan.”

Zelfs de managementwereld maakt nu gebruik van zijn wijsheid. Peter Hawkins, een Engels management deskundige, heeft een aantal verhalen van Nasruddin vertaald naar de management wereld. Een voorbeeld: Nasruddin wordt gevraagd om te definiëren wat een management consultant nou eigenlijk is. Hij antwoordt:

Een consultant is iemand die, wanneer je hem vraagt hoe laat het is, eerst jouw horloge leent, je dan de tijd vertelt en een rekening indient voor de verrichtte dienst en als je niet oppast ook nog je horloge houdt.” Wanneer hij de ontstelde uitdrukking op gezichten om zich heen ziet, voegt hij daar aan toe: “Ik kan merken dat zoiets jullie al een keer overkomen is en dat jullie je horloges al kwijt zijn. Maar dat geeft niet, want toevallig heb ik er hier een paar te koop."

 

Vaak ook zetten de moppen van Nasruddin een bepaalde manier van denken en vergelijken op zijn kop: Een groep vrienden is bijeen in het huis van Nasruddin en discussieert over de nadelen van het ouder worden. Ze zijn het er allemaal over eens dat, naarmate je ouder wordt, je krachten afnemen. Alleen Nasruddin heeft een andere mening: “Ik heb nu ik oud ben nog steeds dezelfde kracht als toen ik jong was.” Zijn vriend Nazir kijkt hem ongelovig aan: “Hoe bedoel je Nasruddin? Leg dat eens uit.” Nasruddin, verbaasd over zoveel onbegrip zegt: “In mijn achtertuin ligt een grote steen die kon ik als jongeman niet optillen en dat kan ik nu nog steeds niet.”

Alles Verliezen- Een soefi verhaal


Mulla Nasrudin kwam op straat een man tegen met met een diepe frons op zijn gezicht. "wat scheelt eraan?" vroeg hij. De man hield een versleten zak omhoog, " alles wat ik heb zit in deze ellendige zak." "Pech gehad" zei Nasruddin, zonder een moment te aarzelen greep hij de zak uit de handen van de man en rende er mee weg.

Toen hij besefte dat hij nu alles wat hij bezat kwijt was, barste de man in tranen uit, en liep ongelukkiger dan ooit verder. Nasruddin ondertussen, rende om het blok huizen heen en plaatste de zak midden op de weg waar de man hem niet kon missen.
Toen hij de zak voor hem  midden op de weg zag liggen, begon de man  te lachen en riep "Mijn zak! ik dacht dat ik je kwijt was!"

Vanuit de bosjes zat nasruddin vergenoegd toe te kijken: " Zo zie je maar weer hoe makkelijk het is om iemand gelukkig te maken!"
Hier kan jaya tekst plaatsen

nasruddin

Nasruddin

 

De verhalen van Nasruddin Hodja zijn overal in het Midden-Oosten bekend. Nasruddin is een dwaas die door zijn vreemde gedrag bij iedereen op de lachspieren werkt. Zijn humor heeft voor soefi’s nog een andere bedoeling: het bewust maken van de patronen waarin je denkt en voelt. Wanneer je een mens als alle anderen bent, ontkom je er niet aan dat je in vaste patronen denkt. De wereld om je heen verliest daardoor langzaam zijn frisheid. Humor is een snelle manier om die patronen te doorbreken.

Een voorbeeld van de soefi-grappenmaker Nasruddin: Toen Nasruddin nog een klein jongetje was, wilde hij net als de andere jongens zo’n petje met de klep stoer in zijn nek. Hij ging naar de markt om er één te kopen. Hij keek verbaasd naar de petjes die er uitgestald lagen en vroeg de verkoper: “Heeft u ook petjes met de klep aan de achterkant? Bij deze zitten ze allemaal van voren…” Uitleg: De mogelijkheden zijn er al maar uit gewoonte zie je ze niet.

De humor van Nasruddin heeft bijna altijd zo’n dubbele bodem. Je lacht eerst om zijn onnozelheid en snapt dan opeens dat je zelf niet anders bent. Zoals in deze extreem korte grap, die al voorbij is voordat je er erg in hebt: Nasruddin leest in de krant dat tachtig procent van alle ongelukken gebeurt in een straal van drie kilometer om het huis. Hij legt de krant neer en roept naar zijn vrouw: “Vrouw, we gaan verhuizen naar een plek vier kilometer verder op!” Moraal: je neemt altijd jezelf mee wanneer je oplossingen bedenkt

 

Zoeken en vinden

Een andere bekende grap vind je ook in europese vormen terug: Op een dag kruipt Nasruddin op handen en voeten in het halfdonker door de steegjes rondom de markt op zoek naar de sleutel van zijn huis. Een vriend helpt hem bij het zoeken. Nadat ze lang zonder succes gezocht hebben, vraagt de vriend: “Weet je zeker dat je hem hier verloren hebt?” Waarop Nasruddin antwoordde met: “Nee, ik heb hem vlak bij huis verloren.” “Waarom zoek je hem dan hier?” “Hier is veel meer licht,” zei Nasruddin, verbaasd over zoveel domheid.

De soefi-uitleg bij dit verhaal is dat we geneigd zijn om naar vervulling of naar de oplossing voor onze problemen te zoeken op de verkeerde plaatsen. Idries Shah heeft in de jaren zestig een groot aantal Nasruddin verhalen verzameld. Meestal maken zijn verhalen duidelijk dat dingen niet zijn wat ze lijken: ‘Nasruddin was beheerder van een beroemde graftombe, die van heinde en ver mensen aantrok die kwamen om te bidden. Op een dag vroeg een bezoeker hem: “Wie ligt hier eigenlijk begraven?”. Nasruddin krabde aan zijn baard en zei: “Zo'n dertig jaar geleden trok ik met mijn lievelingsezel hier door de woestijn. Het water was op en uiteindelijk gaf mijn ezel de geest. Ik heb hem begraven en zat twee dagen te huilen op zijn graf. De mensen die langs kwamen dachten dat er iets bijzonders gebeurd was en bleven bij me om me te troosten. Al gauw gebeurden er wonderen; zieken genazen, blinden konden weer zien. Het graf wat je hier ziet is van mijn ezel. Ik laat het maar zo, als het mensen helpt...”

Of dit voorbeeld: Nasruddin strooit handenvol broodkruimels in zijn huis. De buurman ziet dat en vraagt: “Waarom doe je dat in hemelsnaam?” Nasruddin kijkt op en zegt: “Het houdt tijgers weg.” De buurman knikt, maar reageert dan verbaasd: “Er zijn helemaal geen tijgers in deze buurt!” “Precies”, zegt Nasruddin, “daaraan zie je hoe effectief die broodkruimels zijn.”

De Islam is een vertelkultuur. Je vindt er kleurrijke verhalen over, in onze ogen, nogal fanatiek godvruchtige heiligen. Ook binnen het islamitisch soefisme zijn hier veel voorbeelden van. Hier blijkt vaak uit hoe groot de kloof is tussen onze westerse kijk op leven en dood en die van veel moslims. Gerard van het Reve verwoordde de westerse houding ooit heel nuchter met: “je gaat dood of je blijft leven, dus je zit altijd goed”.

Soefi’s zijn lichtvoetig. De Perzische dichter Hafiz schreef al in de 14de eeuw:


God wil meer

liefde en speelsheid

in je ogen zien

die maken zijn bestaan zichtbaar


 

In hun verhalen vind je vaak een forse dosis humor terug, want, zeggen Soefi’s, humor is het ideale middel om mensen wakker te schudden. Je doet in een mop terloops kennis op. Die kennis is soms nog belangrijker dan gevoelservaringen. Soefi-humor maakt bijna terloops duidelijk hoe je met elkaar gevangen zit in een vernauwde kijk op de wereld. Idries Shah geeft in zijn boek ‘the Wisdom of Sufi humor' het voorbeeld van Mehmed en Achmed die met een boot gaan vissen. Ze vangen een paar prachtige vissen. Op de terugweg schrikt Mehmed opeens op en zegt tegen Achmed: “Hoe vinden we die prachtige plek morgen weer terug?” Achmed reageert met een brede lach: “Daar heb ik ook aan gedacht. Ik heb met krijt een kruisje op de boot gezet op de plek waar we de vissen gevangen hebben!” “Idioot!”, zegt Mehmed, “daar heb je niets aan, misschien geven ze ons morgen wel een andere boot!”